Persoonlijke hulpmiddelen
U bent hier: Home Bestanden 080526 opinieartikel brand Delft.pdf

080526 opinieartikel brand Delft.pdf

Click here to get the file

Grootte 36.9 kB - Bestandstype application/pdf
Full screen

Bestandsinhoud

“Maar het is een grote opluchting dat er geen slachtoffers zijn gevallen”
De kop van dit artikel is een citaat van een woordvoerder van de TU in Delft, de
universiteit die onlangs werd getroffen door een grote brand. De uitspraak suggereert dat
er bedenkingen zijn bij de brandveiligheid op deze universiteit. Dit brengt ons al snel op
de vraag wat brandveiligheid nu eigenlijk is.
Persoonlijke veiligheid staat voorop als het om brandveiligheid gaat. Het is het
voornaamste aspect, want we willen natuurlijk niet dat er slachtoffers vallen bij een
brand. Het is daarom dus niet zo vreemd dat de overheid de persoonlijke veiligheid heeft
geregeld door wet- en regelgeving. In Nederland moeten mensen erop kunnen
vertrouwen dat ze veilig kunnen vluchten als er brand uitbreekt. Er is de afgelopen jaren
veel gesproken over deze wetgeving en het effect daarvan. Bij de brand in Delft zijn geen
slachtoffers gevallen. Er is dus aan de wet voldaan. Toch is er een ‘maar’.
In het universiteitsgebouw in Delft stonden belangrijke meubelen (van onder anderen
Rietveld en Le Corbusier) en er lagen documenten en geschriften met grote culturele
waarde. Die moeten goed beschermd worden, want ze zijn onvervangbaar. Veel van
bovengenoemde zaken zijn door de brandweer gered. Belangrijke onderzoeksresultaten
zijn helaas wel verloren gegaan bij de brand. Aan de onderzoeken hebben veel academici
jarenlang gewerkt. De onderzoeksresultaten zijn niet precies in geld uit te drukken, maar
de emotionele schade bij de onderzoekers is groot. Het heeft hun namelijk veel energie
gekost om tot de onderzoeksresultaten te komen. Zoals ik hierboven al schreef: er zijn
geen slachtoffers gevallen bij de universiteitsbrand in Delft. Maar was in dit geval
‘brandveilig’ wel echt ‘brandveilig’?
Er is niet veel meer over van het gebouw. Het gehavende complex was direct rijp voor de
sloop en dat betekent een strop van maar liefst honderd miljoen euro. Studenten hebben
geen collegezaal meer en de werkplek van veel medewerkers is verloren gegaan.
Bovendien is een gevaarlijke situatie ontstaan, doordat er asbest is vrijgekomen. Slechts
zelden vormen deze voorspelbare gevolgen een criterium bij het bepalen van de te
nemen brandveiligheidsmaatregelen. Dat is jammer en, nog belangrijker, zeer
onverstandig. Het pand van de TU Delft was veertig jaar oud. Natuurlijk zijn daarin niet
de modernste brandveiligheidsinstallaties verwerkt. Wel kunnen en moeten we ons
afvragen of de verantwoordelijkheid van het management voor veiligheid in dit geval
ophoudt bij de oplevering van het gebouw. De vraag stellen is deze beantwoorden.
De faculteit bouwkunde is een plek waar bouwkundige brandveiligheid onderwezen
wordt. Het gebouw is dan ook niet alleen zelf beschadigd, ook het imago van ‘Delft’ heeft
een flinke deuk opgelopen. Naast financiële schade en emotionele schade, is hier dus ook
imagoschade ontstaan.
Er is ook tegenwoordig nog te weinig aandacht voor brandveiligheid bij het bouwen van
kantoren, andere gebouwen en huizen. Dat komt onder meer doordat iedereen op een
andere manier naar deze veiligheid kijkt. Iedereen heeft zijn eigen afwegingen. De
wettelijke eisen worden wel vaak nagekomen, maar daar blijft het dan ook bij. Het
bouwbudget is vaak leidend en dat gaat ten koste van de veiligheid. Immers, door het
treffen van juiste maatregelen, blijft de schade bij een brand vaak relatief beperkt.
Kortom: een kleine investering voorkomt een zeer groot financieel risico. Het verhaal dat
veel bedrijven na een brand binnen vijf jaar failliet gaan, is u wellicht bekend.
Het gebouw van de TU Delft zou gered zijn als het was uitgerust met een
sprinklerinstallatie. Het belang van sprinklers in Delft was al geruime bekend bij de

universiteit. Sprinklers worden al meer dan honderd jaar toegepast in allerlei gebouwen
en dat is natuurlijk niet voor niets. Het systeem is zeer betrouwbaar en wordt periodiek
(vaak jaarlijks) door certificatie- en inspectiediensten gecontroleerd. Dat controletraject
begint al bij het ontwerp en blijft voortduren als het systeem in een gebouw is geplaatst.
Uit onderzoek blijkt dat sprinklers voor 99,4% betrouwbaar zijn. Dat is een score die
door geen enkel ander systeem geëvenaard wordt. En wist u dat de meeste branden door
slechts vier sprinklers geblust worden? Want ook dat weten helaas maar weinig mensen:
sprinklers worden alleen geactiveerd op de plek van de brand zelf. De rest van het
gebouw, waar geen brand is ontstaan, laten ze ongemoeid. Verhalen dat sprinklers
bedrijven helemaal blank zetten, zijn dus echt niet juist.
Als brandveiligheidssystemen al tijdens de bouw worden verwerkt, zijn de kosten relatief
laag. Zeker in vergelijking met de kosten die ontstaan als een brand niet door sprinklers
wordt geblust. Gelukkig is een sprinklerinstallatie al verplicht in hoge gebouwen vanaf
zeventig meter, maar ook voor lagere gebouwen is dit systeem beslist geen luxe.
Bovendien hoeven brandwerende afscheidingen niet meer de indeling van een gebouw te
bepalen als er sprinklers aanwezig zijn. Bedrijven worden hierdoor dus een stuk flexibeler
als ze ruimten willen veranderen.
Natuurlijk kost een sprinklerinstallatie geld, maar dat bedrag weegt zeker op tegen de
risico’s die bedrijven zonder zo’n systeem lopen. Uit een onderzoek van enkele jaren
geleden blijkt dat de kosten van een sprinklerinstallatie te vergelijken zijn met de kosten
van projectvloerbedekking. Niemand overweegt om op vloerbedekking te bezuinigen. Is
brandveiligheid voor eigenaren en gebruikers minder belangrijk dan esthetiek? Laten we
hopen van niet!
Gebouweigenaren en –gebruikers moeten hun verantwoordelijkheid nemen als het om
brandveiligheid gaat. Het is echt niet zo moeilijk om die verantwoordelijkheid inhoud te
geven. Tijdens bouwprocessen moeten alleen de juiste keuzes worden gemaakt. Niet het
budget moet die keuzes bepalen, maar het risico. Alleen door een verstandige afweging
is optimale brandveiligheid realiseerbaar en te handhaven.
Rob J.M Hartgerink
Rob Hartgerink is directeur van de NOVB, de Nederlandse Organisatie voor
Brandveiligheid


Document acties